Op 2 december 2022 werd de derde ronde van het Waarde van Werk-project afgesloten met een goed bezochte conferentie in Sociëteit De Witte in Den Haag. Aart de Geus, bestuursvoorzitter van de Goldschmeding Foundation, opende de conferentie. Oud-topambtenaar Bernard Ter Haar ging in zijn openingsspeech ‘Mind the gap’ in op de kloof die er nog altijd vaak gaapt tussen beleid en praktijk. Dat geldt ook voor het arbeidsmarktbeleid: vaak sluit het beleid niet goed aan bij de wetenschappelijke kennis over hoe de arbeidsmarkt werkt.

Paul de Beer, projectleider van het Waarde van Werk-project, presenteerde, in samenwerking met Wieteke Conen, de belangrijkste uitkomsten van het project. Hij ging eerst in op de vraag hoeveel waardevol en waardeloos werk er in Nederland is en in welke mate dit samenhangt met de organisatie waarvoor men werkt. Vervolgens zette hij uiteen wat onze inzichten over de waarde van werk betekenen voor de huidige krapte op de arbeidsmarkt. Werknemers binden met waardevol werk is het belangrijkste middel om personeelstekorten te voorkomen of te verminderen.

Maria van der Heijden (MVO Nederland) gaf haar visie op waardevol werk in relatie tot de transitie naar een duurzame economie. Die transitie vraagt volgens haar vooral een nieuw soort leiderschap.

Raymond Puts (AWVN) ging in op de vraag wat werkgevers kunnen leren van het waarde van werk onderzoek. Hij ondersteunde de stelling dat meer aandacht voor de kwaliteit van het werk nodig is, maar tekende hierbij aan dat het ook wenselijk blijft mobiliteit van werknemers te stimuleren. Monique Kremer (UvA, ex-WRR) blikte terug op het WRR-rapport Het betere werk uit 2020. Zij onderkende dat het vaak lang duurt voordat de uitkomst van onderzoek zich vertalen in het beleid, maar benadrukte hoe noodzakelijk een aantal wijzigingen in de regulering van de arbeidsmarkt zijn om de kwaliteit van het werk te verbeteren.

Presentaties onderzoek